logo
210329 RvO DSV

Schriftelijke vraag
(art. 40 RvO raad)

Per onderwerp afzonderlijk formulier gebruiken
Indienen via het e-mailadres griffie@tholen.nl

Nummer
Datum ontvangst raadsgriffie
Datum 30 maart 2021
Vraag wordt gesteld aan College
Naam steller vraag ABT Fractie
Verzocht wordt de volgende
vraag (vragen) te beantwoorden
  1. Waarom verzuimde het college de afspraken met de provincie Zeeland voor de esthetische eisen – zoals door de provincie voorgeschreven – in het koopcontract op te nemen?
  2. Waarom week het college af van de voorwaarden van de provincie en verleende u vervolgens in strijd met het bestemmingsplan toch een (onrechtmatige ) omgevingsvergunning?
  3. Heeft over het negeren van de eisen van de provincie en de afwijking van het bestemmingsplan overleg plaats gevonden met het provinciaal bestuur?
  4. Waarom heeft het college nagelaten om voor zo’n belangrijk esthetisch aspect overleg te plegen met de gemeenteraad?
  5. Waar elk bedrijf en burger gesommeerd word en om overeenkomstig de voorschriften te bouwen, vervolgens forse boetes krijgen opgelegd als dat niet wordt gerespecteerd en
    vervolgens alsnog aan de regels moeten voldoen (voorbeelden van het opnieuw schilderen van een gebouw conform de esthetische eis, het vervangen van een dakkapel dat 30 cm te groot was enz. enz.), intrigeert ons het antwoord van het college hoe zij deze grove afwijking geloofwaardig naar zijn bedrijven, burgers en buitenlui kan uitleggen?
  6. Hoe denkt het college deze schade aan het Thoolse landschap te herstellen?
Toelichting
(indien nodig)
Geacht College,
Het is even stil geweest rond de DSV transactie.
We naderen nu met moment dat het dossier bijna compleet hebben om bij verschillende instanties een formele klacht in te dienen.
Dit vraagt een gedegen voorbereiding daarom toch nog een paar vragen om checken of onze conclusies juist zijn.
De belangen zijn immers groot.
Het is inmiddels een bijna 120 pagina’s tellend document geworden.
In dat stuk trachten wij en gedocumenteerd een genuanceerd beeld te scheppen.
Tijdens het vervolmaken van dat document stuiten we toch weer op een aantal elementen die de nodige vragen oproepen.
Het eerste punt betreft de verleende omgevingsvergunning voor het Megagebouw van 95000 M2 dat DSV heeft gerealiseerd.
We beginnen met een citaat uit de toelichting op het vigerende bestemmingsplan Welgelegen ‫׀׀׀‬.
Op instignatie van de provincie werd in het bestemmingsplan het volgende toegevoegd:
Wij citeren:
De mosterddijk is een landschappelijk waardevol element en heeft daarom in het provinciaal beleid een beschermde status.
De provincie is bereid om mee te werken aan het afgraven van de dijk, mits dat wordt gecompenseerd.
Om de landschappelijke effecten te verzachten zullen de gebouwen daarom met een aangepaste kleurstelling worden gebouwd waardoor het minder opvalt.
Aan de onderzijde worden donkere kleuren toegepast, naar boven steeds lichtere horizontale stroken.
Aanvullend op de welstandstoetsing wordt dit geregeld bij de verkoop van de gronden.

Einde citaat.

Onze adviseurs stellen vast:
  • In de koopovereenkomst werd ondanks de expliciete eis van de provincie Zeeland en vastgelegd in het geldend bestemmingsplan niks bepaald over een aangepaste kleurstelling en de overige esthetische eisen van het mega complex, dus afwijkend van de uitdrukkelijke voorwaarde van de provincie en afwijkend van het bestemmingsplan;
  • Aan de onderzijde van het mega complex zijn tot een hoogte van ca. 3 meter lichte stroken toegepast in plaats van donkere stroken, dus afwijkend van de voorwaarde van de provincie en de uitdrukkelijke toelichting van het bestemmingsplan;
  • In plaats van horizontale lichtere stroken zijn over de volle omvang van het gebouw verticale stroken aangebracht, dus afwijkend van de voorwaarde van de provincie en het bestemmingsplan;
  • De omgevingsvergunning voor het totale mega complex werd derhalve afgegeven in strijd met de provinciale eisen en in strijd met het bestemmingsplan Welgelegen III.

Conclusie: Alle esthetische eisen die het provinciaal bestuur oplegde (zie hierboven) en welke eisen vervolgens zijn terug te vinden in het bestemmingsplan (hoofdstuk 2.4.5) werden door
uw college volkomen genegeerd.
Daarmee heeft u de omgevingsvergunning voor dit megacomplex derhalve in strijd met de provinciale afspraken en de regels van het bestemmingsplan verleend.
Het college zal wellicht verdedigen, dat de plantoelichting van het bestemmingsplan niet altijd juridisch bindend is.
Dat kan geen excuus zijn.
Immers prevaleert de afspraak met de provincie.
Nog minder kan de afwijking van het bestemmingsplan als een juridisch kruimelgeval worden beschouwd.
Het blijft onomstotelijk vast staan dat de eis en de voorwaarden van het provinciaal bestuur van Zeeland en de toelichting in het bestemmingsplan door uw college met voeten zijn getreden.
Als u zich als college niet aan de bestuurlijke afspraken houdt zal het ongetwijfeld ook de verhouding met de provincie bruuskeren op het gevaar af dat (bijvoorbeeld ) gevraagde subsidies minder zullen scoren.
Antwoord college / burgemeester
Datum beantwoording
Ingeleverd bij de griffie

* afspraak is om, indien mogelijk, mondeling antwoord te geven in de eerstvolgende vergadering


ABT lichtgrijs
2021
HoofdstukkenHoger Menu Pagina's Start 21.0008 Website(s) Gemeente 210310-Testlocatie Corona 210311-Borging van zorg aan kwetsbare jongeren en gezinnen 210329 RvO DSV

Valid HTML 5.0 Valid CSS Valid i18n
Inloggen
© 2021 Algemeen Belang Tholen.
Externe artkelen hebben een bronvermelding,
overname eigen-artikelen is toegestaan mits met bronvermelding.

Webber versie 210305a
Pagina gemaakt in
Pagina aangemaakt
Laatste aanpassing
Pagina grootte
45411 µsec.
31 mrt 2021
31 mrt 2021
13828 bytes